Vincent Smit: ‘De straten in de stad zijn de gangen van onze hogeschool’

door: Arie Verhoef

De grote stad. Voor Vincent Smit is zij één groot laboratorium. Praktijkgericht onderzoek in de wijken en de straten kan alleen maar succesvol zijn als er een vorm van wederkerigheid is tussen de stad en de Hogeschool. “Als ik met studenten in een wijk loop, willen zij wat voor de bewoners van die wijk betekenen. Dat geeft vertrouwen.” Aan het woord is scheidend lector Vincent Smit. Hij heeft 14 jaar lang menig student en docent-onderzoeker enthousiast gemaakt voor stad- en wijklabs, om zo met praktijkgericht onderzoek de oplossing van grootstedelijke problemen dichterbij te brengen.

15 maart 2020. De overheid neemt de vergaande maatregel om alle scholen te sluiten vanwege corona. Het zou in principe de laatste werkdag zijn van Vincent Smit. Het welverdiende pensioen lokt. Maar eerder is al besloten dat hij het schooljaar vol zal maken. Inmiddels is het september. Het nieuwe hogeschooljaar is opgestart. Tijd voor de lector om zijn spullen te pakken. Dat doet hij in het volle vertrouwen dat het kenniscentrum Governance of Urban Transitions, waarin zijn lectoraat Grootstedelijke Ontwikkeling is ingebed, het onderzoekswerk zal voortzetten. “Ik heb altijd fijne collega’s gehad en ik wil hen ook vanaf deze plaats hartelijk bedanken”.

Wijk- en stadslabs

In de jaren ’70 van de vorige eeuw studeert de jonge Vincent Urbane Sociologie aan de Radboud Universiteit van Nijmegen. Nu beëindigt hij een mooie carrière als lector Grootstedelijke Ontwikkeling. Heeft de stad hem ooit losgelaten? “Nee, in die studie Urbane Sociologie kon ik mijn fascinatie voor de mens en voor de stad combineren. Tussen afstuderen en lectoraat zit een hele periode waarin ik ervaring heb opgedaan in kennisontwikkeling van de stad: wetenschappelijke kennis aan de universiteit, beleidskennis bij een grote gemeente en advieskennis bij een adviesorgaan van de rijksoverheid. ”

“Om de stad leefbaar en bij de tijd te houden, moet je in haar investeren. En dan het liefst op wijkniveau. Want in de wijk leer je de stad goed kennen. De wijk beter maken is een permanente opgave voor iedereen die aan de stad wil werken. De stad is één groot laboratorium. Een theater van maatschappelijke voor- en tegenspoed. Probleem en oplossing tegelijk. Als wij praktijkgericht onderzoek doen, lopen we het gebouw uit en staan we midden in ons onderzoeksterrein. Dat verklaart waarom we ons in het lectoraat altijd hebben gefocust op Den Haag.”

Een wijk laat zich moeilijk in vakjes opdelen. Een reeks van partijen bemoeit zich met die wijk. Vincent: “Daarom moet onderzoek in grootstedelijke vraagstukken zoveel mogelijk integraal zijn. Dat mag niet alleen aan de overheid, de markt, het middenveld of de burger hangen. Wijk- en stadslabs zijn een prachtig instrument om te leren hoe partijen in het “tussengebied” zich gedragen. Deze kennis kunnen we boven water halen. Daarbij is de wijk voor studenten niet alleen maar het jachtterrein van studiepunten. Zij moeten wat betekenen voor de wijk, wederkerigheid dus.”

Onzekere stad

Met welke ambitie aanvaardde hij 14 jaar geleden dit lectoraat? “Het was mijn ambitie om De Haagse Hogeschool kennis te laten maken met de complexiteit van de grote stad. Om het lectoraat een kennishorzel te laten zijn in zowel de wijk als in de Hogeschool. De hardnekkige, wicked problems van de grote stad mogen in die tijd veranderd zijn, de complexiteit is er nog steeds. In de stad heb je te maken met vele partijen die geen van allen de baas zijn. De gemeente laat veel over aan de markt. De markt heeft zijn eigen commerciële belangen. Dat heeft de bewoners sceptisch gemaakt. Corporaties hebben behalve een sociale opgave óók nog steeds een zware agenda en moeten nadenken over hun toekomstbestendigheid. De titel van mijn entreerede was dan ook ‘De onzekere stad’. Die onzekerheid was en is in mijn ogen een mooi perspectief om vandaaruit naar de stad en de wijk te kijken. Om zoveel mogelijk materiaal boven tafel te krijgen ten behoeve van de stad én het onderwijs.”

“Omdat de Hogeschool onafhankelijk is en publiek wordt gefinancierd, is het hbo-onderzoek het aan zijn stand verplicht kritisch en reflectief te zijn en de opdrachtgever niet naar de mond te praten. De praktijken in wijken en de stad vormen onze belangrijkste autonome bron van kennis, niet zozeer een plek om kennis van elders te valideren. In wijk en stad kan het vaak schuren tussen de verschillende partijen. Maar er worden ook coalities gesmeed. Als je daar niet bij bent, speel je als lector Grootstedelijke Ontwikkeling de verkeerde wedstrijd.”

Inclusieve stad

“Crises als corona leggen de hardnekkige problemen van de wijk en de stad feilloos bloot. Het belang van goede publieke voorzieningen wordt daarmee steeds groter. Dankzij die goede publieke voorzieningen kunnen mensen vooruit komen in de stad en zijn er kansen op goed samenleven en op inclusie. Op dit vlak is nog veel werk te doen, waarbij de inzet van onze huidige hbo-studenten hard nodig zal zijn. Zij zitten straks aan de knoppen en gaan beslissingen nemen en daaraan uitvoering geven in al die publieke en private instellingen. ”

“Wat we nu in de grote stad zien gebeuren, staat eerder haaks op inclusie. Het grote geld uit buiten- en binnenland gaat vooral naar plekken van grote waardenstijging. Projectontwikkelaars spelen hierin een belangrijke rol. Dit leidt tot een nog grotere tegenstelling tussen arm en rijk, in de samenleving en in de stad. Die tegenstelling wordt echt wel gevoeld. Velen in stad en wijk zijn boos over deze ontwikkeling, een gentrification, waarin veel woningen onbetaalbaar worden. Gentrification is een bedreiging voor de woonomstandigheden van modale mensen. De inclusieve stad daarentegen heeft de ambitie er te zijn voor iedereen. Met praktijkgericht onderzoek heb ik een bijdrage willen leveren aan de mogelijkheden voor een inclusieve stad.”

Blij met kenniscentrum

Vincent Smit neemt afscheid van het lectoraat dat sinds mei 2020 is ingebed in het Kenniscentrum Governance of Urban Transitions. Katja Rusinovic is de nieuwe lector. Waarom vindt hij het belangrijk dat dit onderzoek doorgaat? “De Haagse Hogeschool is per definitie een grotestadshogeschool. De locatie in het Laakkwartier impliceert dat je je als hogeschool inlaat met grootstedelijke vraagstukken, in het onderwijs en het onderzoek. Maar welke positie geef je het onderzoek dan? Daar is veel over nagedacht en we hebben achtereenvolgens clusters, zwaartepunten en platforms gehad. En nu dan kenniscentra. Ik ben daar blij mee. Wel blijft het opletten voor een zware bureaucratisering en een te sterke afhankelijkheid van geld van buiten. Met een kenniscentrum kunnen we massa creëren om faculteitsoverstijgend onderzoek te doen en ons toch focussen op een afgebakend onderzoeksterrein. Door een beperkt aantal kenniscentra is het voor de opleidingen eenvoudiger om goede afspraken te maken voor de relatie tussen onderwijs en onderzoek en kan onderzoek bijdragen aan het slechten van de dikke muren tussen de opleidingen en faculteiten. ”

Laat de grote stad Vincent nu met rust? Lachend: “Dat weet ik nog niet. Ik word een fellow lector binnen de Hogeschool. Als zodanig ben ik onbekostigd beschikbaar voor advies en kleinere onderzoeksprojecten. Wel ga ik een andere fase in, met meer balans en met ook meer tijd voor bijvoorbeeld mijn twee schatten van kleinkinderen.”

dit artikel is overgenomen van H/Nieuws

 

Het laatste nieuws

PréCé

PréCé

Corona heeft inmiddels haar plaats in onze historische tijdlijn verdiend. We hadden al veel mijlpalen die met ‘Voor’ en ‘Na’ worden aangeduid: de Jaartelling, de geboorte van Jezus, …

Lees meer

Doe mee met XNet

Wil je nog zinvolle activiteiten ondernemen? Of mis je de dynamiek van het onderwijs en de hogeschool, én de sociale contacten? Met het opzetten van een netwerk oud-medewerkers willen we daar iets aan doen. Draag bij aan XNet.

Het laatste nieuws

Contact informatie

xnethhs@gmail.com